Transcript Podcast DGA pensioenverzekering

In deze uitzending gaan we in op een paar belangrijke zaken in en rondom een pensioenregeling voor de directeur grootaandeelhouder. Het is een pittig onderwerp met veel techniek maar uiteindelijk komt het neer op relatief eenvoudig uitgangspunten.

 

Laten we dus even overzichtelijk beginnen. Met een pensioenpolis legt de directeur grootaandeelhouder geld apart voor later. Nu is dat een aftrekpost maar later moet u er weer belasting over betalen. U kunt naast de investering voor een oudedagspensioen later ook nog zorgen dat uw partner en kinderen geld krijgen als u overlijdt. Verder is er een mogelijkheid om bij arbeidsongeschiktheid te zorgen dat er geen premie meer betaald hoeft te worden maar dat de pensioenpolis wel gewoon doorgaat.

 

Eerst maar even een nadeel van een pensioenverzekering aangeven. Als directeur grootaandeelhouder investeert hij dus het geld in een pensioenpolis bij een verzekeraar en bent u dat geld dus in principe kwijt totdat u met pensioen gaat.

Maar dat nadeel is ook een voordeel.
U kunt namelijk niet meer gemakkelijk aan het pensioengeld komen. Dat kan er voor zorgen dat u geen impulsieve beslissingen neemt om het geld ergens anders voor te gebruiken.

En er is natuurlijk een flinke belastinguitstel doordat u gedurende de opbouwtijd geen belasting betaald over het rendement.

 

Maar hoe regelen de meeste directeur grootaandeelhouder hun pensioen op een goede manier? Vaak wordt er voor gekozen een basis pensioenvoorziening op te bouwen. Er is dan een solide basis als er toch iets mis gaat met het bedrijf.

 

Een directeur grootaandeelhouder kan dus om verschillende redenen starten met een pensioenregeling. Ik praat dus over een regeling en nog niet over de verzekering. De pensioenregeling is de afspraak tussen de werkgever en de werknemer. In veel gevallen dus de afspraak tussen de BV van de directeur grootaandeelhouder en de directeur grootaandeelhouder in zijn functie als werknemer.

 

Die interne afspraak wordt door de pensioenverzekeringsmaatschappij gevolgd. Zo’n afspraak tussen de BV als werkgever en de directeur grootaandeelhouder als werknemer wordt opgeschreven in een pensioenovereenkomst.

 

Dan ligt er dus een klus voor de werkgever om die pensioenregeling op te zetten. Het bedrijf maakt daarvoor een afspraak met de pensioenverzekeringsmaatschappij die de pensioenregeling gaat uitvoeren. Dat is dus dat de pensioenuitvoerder en het contract heet uitvoeringsovereenkomst.

Die pensioenuitvoerder doet dat door een pensioenpolis te maken voor de directeur grootaandeelhouder en dat is dus de pensioenverzekering.

 

De eigen BV mag dus niet meer, zoals voor 2017, zelf optreden als pensioenverzekeraar en geld reserveren op de balans. Dat is jammer maar er zijn ook voordelen.

 

Voor gewone werknemers bijvoorbeeld (dus niet directeur grootaandeelhouders) zijn dit soort toezeggingen erg belangrijk want een werkgever kan zo’n toezegging niet eventjes afnemen. Het zijn toegezegde arbeidsvoorwaarden maar een directeur grootaandeelhouder kan, bij wijze van spreken, elk jaar weer een andere beslissing nemen.

 

We gaan nu even drie zaken van dichtbij bekijken. Het oudedagspensioen, het partner pensioen en de premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid. Die drie zijn eigenlijk ook verrassend eenvoudig.

 

 

Eerst het oudedagspensioen. De BV betaalt een premie en die premie wordt belegd. Dat kan natuurlijk heel terughoudend of met meer beleggingsrisico’s. Wat is wijsheid? Terugkijkend naar het verleden blijkt een life cycle belegging voor de pensioenopbouw een hele goede keuze te zijn. Life cycle beleggen is eigenlijk heel eenvoudig. Als je jong bent beleg je veel risicovoller en als je ouder wordt bouw je de risicovollere beleggingen langzaam af. Meestal komt dat pensioengeld in beleggingsfondsen terecht want daar kan die specifieke verhouding goed in de gaten worden gehouden.

 

De tweede pensioenuitkering is het partner en wezenpensioen. U kunt er voor zorgen dat uw partner en kinderen een uitkering krijgen als u overlijdt. Ook die premie kan door de BV worden betaald. De bruto uitkeringen zijn natuurlijk wel fiscaal belast voor uw partner.

Sommige directeur grootaandeelhouders kiezen er daarom voor om geen partnerpensioen toe te zeggen maar gewoon in privé een overlijdensrisicoverzekering te sluiten.

 

En de derde dekking in een pensioenpolis is de premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid. Jammer genoeg is er te weinig aandacht voor. De meeste directeur grootaandeelhouders denken meestal nog wel intensief na over een gewone arbeidsongeschiktheidsverzekering maar vergeten de premievrijstelling voor de pensioenopbouw. Als u namelijk als directeur grootaandeelhouder ziek wordt en ziek blijft dan is het natuurlijk plezierig om ene uitkering te krijgen uit een arbeidsongeschiktheidsverzekering maar ook belangrijk is dat er in de tussentijd de premiebetaling voor een pensioenkapitaal gewoon doorgaat.

 

Dat waren de drie belangrijkste elementen van een pensioenpolis. Voordat we verder gaan kijken we even terug naar vroeger, toen was vrij gebruikelijk een pensioenuitkering toe te zeggen. Dus dan stond in de pensioenovereenkomst “u krijgt 70% van uw laatst genoten salaris, of iets dergelijks”. Zo’n systeem heette een middelloonregeling of een eindloonregeling. Sommige directeur grootaandeelhouders hebben nog zo’n polis maar veel nieuwe middelloon en eindloonregeling zullen we niet meer zien. Het bleek te ingewikkeld om zo’n toezegging ook echt na te komen.

 

Momenteel wordt er steeds meer gewerkt met een beschikbare premiestaffel. Dat is in feite een systeem waarbij de premie investering in de polis steeds hoger wordt omdat de investeringstijd tot de pensioenleeftijd, steeds korter wordt. Premies in de laatste jaren van 15-25% van het salaris zijn geen uitzondering.

 

De keuze van die staffel is best wel lastig. Even een korte maar tikkeltje ingewikkelde uitleg van die staffels is toch wel belangrijk. Die staffels zijn door het ministerie van financiën vastgesteld, vandaar dat ze ministeriele staffels heten. Die staffels verschillen onderling. Zo zijn er staffels gebaseerd op 2%,3% en 4%. Maar wat is dat eigenlijk voor een rentepercentage? Met dat rentepercentages wordt in theorie gerekend op de pensioendatum.

 

Stel de rente is op de pensioenleeftijd 4% en u heeft pensioenkapitaal opgebouwd en u wilt voor dat kapitaal uw uitkering aankopen, dan kan er dus bij 4% rentestand veel meer uitkering worden gekocht dan in de situatie dat de rente stand 3% is.

 

En die lage rentestand van 3% is dan dus jammer, maar de overheid staat wel toe dat u nu bij zo’n lage rentestand meer premie mag in leggen. En dus zijn de premies die u volgens die staffel mag investeren in uw pensioenpolis bij 3% staffel dus veel hoger dan de 4% staffel.

 

Let ook altijd nog even op de kosten in zo’n directeur grootaandeelhouderspolis. De administratiekosten voor de polis zelf vallen meestal wel mee. Een paar honderd euro voor de verzekeraar. Degene die de polis beheert, wil meestal ook standaard een paar honderd euro hebben en verder zijn er nog kosten die het beleggingsfonds in rekening brengt. Veel meer doorlopende kosten zullen er niet zijn.

 

U kunt een polis zelf afsluiten en nog besparen op de eenmalige advieskosten maar het gaat vaak om grote bedragen en dan is een foutje gelijk behoorlijk kostbaar. En zo’n pensioenadviseur is gewoon verzekerd voor een beroepsfout en die kosten zijn wel te overzien.

 

Hou nog wel even rekening met de extra premies voor het partnerpensioen en de premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid als u die onderdelen toegevoegd wilt hebben.

 

U merkt het, pensioen voor de directeur grootaandeelhouders kan best nog een gepuzzel zijn.

 

Laat ik als laatste nog even een paar details aanstippen om dit eerste pensioenverhaal voor directeur grootaandeelhouders af te ronden.

 

Punt 1. Er zijn niet zoveel echte pensioenverzekeraars voor directeur grootaandeelhouders  meer, dus sta er niet verbaasd over dat er maar weinig keuze is.

 

Punt 2. Veel directeur grootaandeelhouders hebben nog oude reserves op de balans staan. Controleer de onderliggende contracten of ze nog fiscaal acceptabel zijn want de fiscus is niet erg vergevingsgezind.

 

Punt 3. Het kan soms best een goed fiscaal idee zijn om een eigen bijdrage te betalen uit het salaris van de directeur grootaandeelhouder. Met een beetje fiscale planning kunnen zo aardige voordelen worden behaald.

 

Punt 4.  Kijk ook eens naar oude premievrije pensioenpolissen, laat ze niet slingeren en kijk eens op welke wijze het geld belegd is want dat kan soms eenvoudig verbeterd worden.

 

Punt 5. Foutieve beslissingen nemen kan een directeur grootaandeelhouders duur komen te staan. De fiscus heeft dan de onhebbelijke gewoonte om de gehele aanspraak tot het loon te rekenen en te belasten tot het maximale tarief van 52% en er nog 20% revisierente bij op te tellen. Revisierente is eigenlijk een rentecorrectie voor de fiscus maar wordt meestal ervaren als een stevige extra boeterente.

 

Dat was een eerste uitleg over de pensioenpolis voor de directeur grootaandeelhouder.

Het goede nieuws is dat ook de directeur grootaandeelhouder gemiddeld steeds ouder wordt en dus langer van het pensioen kan genieten. En die fijne lange levensverwachting is ook gelijk het slechte nieuws want de directeur grootaandeelhouder zal steeds meer pensioengeld apart moet zetten…..

 

__________________________________________________________________________

Staffels ministerie

http://www.belastingdienstpensioensite.nl/Besluit%20BPS%20200117,%20nr%202017-7168.pdf

 

Einde Pensioen in eigen beheer.

https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-financien/documenten/brieven/2016/10/25/nota-naar-aanleiding-van-het-verslag

 

Pensioenklem informatie Overheid.

https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/07/01/oplossing-voor-pensioenklem-directeur-grootaandeelhouders

 

Eindloonsysteem

https://nl.wikipedia.org/wiki/Eindloonsysteem

 

Middelloon systeem

https://nl.wikipedia.org/wiki/Middelloonsysteem

 

Beschikbare premieregeling DGA

https://nl.wikipedia.org/wiki/Beschikbare-premiesysteem